Wob geldt ook voor sms- en WhatsApp berichten
2017-12-11 | Auteur:

Wob geldt ook voor sms- en WhatsApp berichten

In de uitspraak van 28 november 2017 (ECLI:NL:RBMNE:2017:5979) heeft de rechtbank Utrecht bepaald dat ook sms- en WhatsApp-berichten kunnen vallen onder een verzoek op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Het gaat dan om berichten die staan op een telefoon met een abonnement op naam van het bestuursorgaan. Dit betekent een uitbreiding van de definitie van het begrip ‘documenten’ die onder een Wob-verzoek kunnen vallen.

In deze zaak had een brancheorganisatie een Wob-verzoek ingediend bij de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. De brancheorganisatie was om meerdere redenen van mening dat de minister naar aanleiding van het verzoek te weinig informatie openbaar had gemaakt en ging in bezwaar en beroep. De branchevereniging voerde daarbij onder meer aan dat ook sms- en WhatsApp-berichten onder de reikwijdte van het Wob-verzoek vallen, aangezien verzocht was om informatie neergelegd in alle gegevensdragers. Volgens de branchevereniging valt niet in te zien dat informatie die is neergelegd in tekstberichten, anders is dan informatie in een notitie of e-mail.

De Minister stelde zich echter op het standpunt dat sms- en WhatsApp-berichten niet vallen onder de definitie van het begrip document in de zin van de Wob. Het chatten via WhatsApp is volgens de minister de vervanger van het vroegere telefoonverkeer en daarom niet te vergelijken met een papieren document. Verder staat een WhatsApp-bericht niet op de servers van het bestuursorgaan en zal er bij openbaarmaking een document moeten worden gecreëerd door tekst te knippen plakken in bijvoorbeeld een Word-document.

De rechtbank overweegt dat de vraag of zo’n bericht ook een ‘document’ is in de zin van de Wob, positief moet worden beantwoord. In de Wob is het begrip ‘document’ gedefinieerd als ‘een bij een bestuursorgaan berustend schriftelijk stuk of ander materiaal dat gegevens bevat’. Wat betreft het deel van de definitie ‘schriftelijk stuk of ander materiaal dat gegevens bevat’ overweegt de rechtbank dat sms- en WhatsApp-berichten kunnen worden vergeleken met foto-, video- en geluidsopnamen, welke regelmatig in rechterlijke uitspraken als document in de zin van de Wob zijn aangemerkt. Verder verschillen sms- en WhatsApp-berichten volgens de rechtbank van telefoongesprekken, die als zodanig niet onder de werkingssfeer van de Wob vallen, doordat deze berichten wel zijn vastgelegd. Tevens lijken deze berichten op e-mailberichten, die evident onder de Wob vallen. Het feit dat sms- en WhatsApp-berichten vaak gebruikt worden voor vluchtigere communicatie is ook geen reden om ze categorisch uit te sluiten van de werkingssfeer van de Wob. Alleen berichten met alledaags gebabbel kunnen om die reden worden uitgesloten, maar dit type bericht zal doorgaans sowieso niet onder de Wob vallen, omdat het niet een bestuurlijke aangelegenheid betreft.

Daarnaast vereist de definitie van het begrip document dat de sms- en WhatsApp-berichten onder het bestuursorgaan dienen te ‘berusten’. Daarvoor is het volgens de rechtbank niet noodzakelijk dat een document op de harde schijf of server van het bestuursorgaan dient te staan. Een bestuursorgaan kan een papieren document in een kast leggen, een digitaal document op een harde schijf of eigen server opslaan of een digitaal document opslaan in de cloud; in al die gevallen berusten zij onder het bestuursorgaan. Dit wordt anders indien een bestuursorgaan op relatief eenvoudige wijze kan beschikken over documenten van een andere organisatie. Dat gaat verder dan ‘berusten onder’ en valt buiten de werkingssfeer van de Wob. Sms- en WhatsApp-berichten die staan op telefoons met een abonnement op naam van het bestuursorgaan vallen naar het oordeel van de rechtbank wel onder de term ‘berusten onder’ en het bestuursorgaan dient daarom een methode te vinden om dergelijke berichten in het kader van een Wob-verzoek te achterhalen. De Minister heeft daarom volgens de rechtbank onterecht sms- en WhatsApp-berichten buiten het Wob-verzoek gelaten.

Op grond van deze uitspraak dienen bestuursorganen dus ook sms- en WhatsApp-berichten op telefoons van ambtenaren met een abonnement op naam van het bestuursorgaan te betrekken bij de afhandeling van een wob-verzoek. Privé-telefoons van ambtenaren kunnen buiten beschouwing blijven. Het is echter wel de vraag of de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State hier ook zo over zal oordelen als er hoger beroep wordt ingesteld door de minister tegen deze uitspraak van de rechtbank.
kennis