“Geleuter op Facebook” leidt niet tot overtreding vaststellingsovereenkomst
2017-09-15 | Auteur: Mariska Aantjes

“Geleuter op Facebook” leidt niet tot overtreding vaststellingsovereenkomst

Je ziet het vaak in een vaststellingsovereenkomst; een artikel waarin zowel werkgever als werknemer zich verplichten zich te onthouden van negatieve of ongunstige uitlatingen over elkaar. Ook in de vaststellingsovereenkomst van een operateur die ruim twee jaar had gewerkt bij een Limburgs bedrijf, was een dergelijke bepaling opgenomen. Op overtreding van het beding stond een boete van € 10.000,–. Een paar maanden na zijn ontslag laat hij zich op Facebook ten opzichte van zijn 39 vrienden uit over zijn voormalige werkgever. Deze laat het er niet bij zitten en begint een procedure waarin zij € 10.000,– boete opeist van haar voormalige operateur.
 
Wat vindt de kantonrechter hiervan? Het bewuste artikel in de vaststellingovereenkomst stelt dat werkgever en werknemer zich verplichten zich in het vervolg in het maatschappelijke verkeer zorgvuldig ten opzichte van elkaar te gedragen en zich te onthouden van (mogelijk) “negatieve, schadelijke en/ (anderszins) ongunstige uitlatingen over elkander alsmede (ex-)collega’s en relaties, alles in de ruimste zin van het woord”. De kantonrechter vindt dat het begrip “uitlatingen” naar de letter zo ver gaat, mede door de toevoeging “in de ruimste zin des woord”, dat dit tot absurde en de grenzen van de persoonlijke belevingssfeer verre overschrijdende en dus onwenselijke gevolgen kan leiden. De kantonrechter vindt dat de ex-werknemer niet al te tactvolle opmerkingen heeft gemaakt in zijn Facebook-vrienden-groep van in totaal 39 personen, maar dat daaruit voor een buitenstaander niet kenbaar is waar het over gaat. De aangehaalde citaten kunnen over ieder bedrijf en iedere arbeidssituatie gaan en – tikfout of niet – juist het gebruik van het woord “stelrat” (met een t en zonder ook de hoofdletter) maakt de herleiding tot de naam van ex-werkgever Caradon Stelrad voor de buitenwereld volstrekt onmogelijk, aldus de kantonrechter. De kantonrechter vervolgt dat hoe onverstandig en onbegrijpelijk dit sociale geleuter op Facebook ook hier weer uitpakt, niet vol te houden valt dat de ex-werkgever en haar werknemers, danwel relaties, zich aan deze tamelijk onbenullige uitwisseling van praatzieke babbelaars een buil zou kunnen vallen. Voor het toekennen van een boete van maar liefst € 10.000,– is wel wat meer nodig dan dat de ex-werkgever mogelijk bij toeval gestuit is op deze vrij kinderachtige uitwisseling van weinig diepzinnige maar op zichzelf onschadelijke gedachte van één of meer ex-werknemers op Facebook.
 
De kantonrechter geeft met deze beschikking van 13 september 2017 en het gebruik van de –vaak onnodige- bijvoeglijke naamwoorden duidelijk aan dat hij niet bepaalt een fan is van Facebook en zelfs enigszins neer lijkt te kijken op deze vorm van communicatie. Maar ook de werkgever krijgt ervan langs in de beschikking. Jammer is dat uit de beschikking niet duidelijk wordt waaruit de uitlatingen van de ex-werknemer op Facebook nu precies bestonden. De vordering van Caradon wordt op alle onderdelen afgewezen en het bedrijf wordt veroordeeld in de proceskosten.
kennis